- Nederlands
- English
Netwerk event Linking Life Sciences 6 juli 2011
Verbinden, netwerken, linken!
Neem dertig geïnspireerde en enthousiaste mensen die allemaal dagelijks hard werken in dezelfde branche, bruisen van de ideeën en voortdurend op zoek zijn naar nieuwe mogelijkheden om die ideeën te realiseren. Haal ze uit hun dagelijks werk en zet ze bij elkaar. Het is mooi om te zien wat dan gebeurt. Op de 6 juli door LLSc georganiseerde netwerkbijeenkomst van projectleiders en directe stakeholders op Life Sciences gebied leek het een reünie. De geanimeerde gesprekken werden met tegenzin afgekapt toen het tijd was voor het officiële gedeelte.
Dat officiële deel, met Nelleke Barning van DSM als dagvoorzitter / moderator, bestond uit drie ‘pitches’ van een korte presentatie en plenaire discussie. De presentaties werden gegeven door respectievelijk Edgar van Leest van Brainport Development; Michiel Stoffels van LifeTech Limburg; en Cyriel Mentink van Hogeschool Zuyd. De heren vonden een zeer geïnteresseerd gehoor. Ook uit de discussies bleek dat de focus van alle aanwezigen ligt bij het zoeken naar verbindingen. Het geheel werd afgesloten met een paneldiscussie en – uiteraard – een netwerkborrel, tijdens welke de gesprekken geanimeerd werden voortgezet.
Edgar van Leest - Brainport 2020
Edgar van Leest, sectormanager Strategie van Brainport Development, ging in op de doelen en het uitvoeringsprogramma van het rapport Brainport 2020, het grondplan voor de uitbouw van de technologische topregio Zuidoost-Nederland tot een economische regio van wereldformaat. Hij verwees voor details naar het de website www.brainport.nl, waarop het rapport in zijn geheel te lezen is.
In de discussie werd onder meer ingegaan op de knelpunten die de concurrentiekracht van de regio Zuidoost-Nederland (ZON) beperken. Zoals het tekort aan technisch talent, een inflexibele arbeidsmarkt en een achterblijvende productiviteit, de geringe omvang van de publieke R&D uitgaven, de geringe marktfocus en de suboptimale infrastructuur. Van Leest benadrukte dat er binnen Brainport al veel initiatieven lopen, waarvan vele ‘bottom up’ tot stand zijn gekomen via interactie met het werkveld. Er wordt op allerlei fronten kennis uitgewisseld en er zijn / worden tal van gezamenlijke projecten geformuleerd.
Op een vraag naar de relatie met het MKB antwoordde hij dat zijns inziens bedrijven zich zelf zullen moeten organiseren. Van de overheid verwacht hij in de gegeven situatie niet veel. “We zullen zelf de hand aan de ploeg moeten slaan.”
Om de regio aantrekkelijk te maken voor kenniswerkers zal de schijn van versnippering naar de buitenwereld toe vermeden moeten worden. De regio moet één gezicht naar buiten tonen en dat kan alleen door initiatieven te verbinden.
Michiel Stoffels - LifeTech Limburg
Michiel Stoffers van Lifetech Limburg ging onder meer in op de toekomst van het online informatieportal VividLinks.eu, een project van Skills3. Het Skills3 team heeft zich de afgelopen tijd bezig gehouden met de toekomst van dat platform en van de regio’s die het bestrijkt. Analyse leverde vier scenario’s op binnen een kwadrant, met op de verticale as boven ‘Fragmentatie’ (ieder doet z’n eigen ding) en onder ‘Alignment’ (gezamenlijke focus); en op de horizontale as links Naties (grenzen laten bestaan), en rechts een ‘grenzenloos’ Europa.
De vier scenario’s (v.l.n.r., v.b.n.o.) ‘Little Kingdom’ (ieder blijft in zijn hokje, er verandert niets), ‘Cocoon’ (moordende concurrentie op Europees niveau), ‘Galapagos’ (wel onderlinge afstemming maar kwetsbaarheid naar buiten toe) en ‘Swarm’ (op elkaar afgestemde beweging, ‘wisdom of the crowd) werden op hun merites beoordeeld.
De laatste optie was op het eerste gezicht ideaal, maar er werden daarbij kanttekeningen geplaatst. Betekent ‘bewegen in een zwerm’ bijvoorbeeld niet dat door het dictaat van de massa pionieren en individuele acties onmogelijk zijn? Een idee waar iedere innovatieve creatieveling uiteraard van gruwt. Naar het schijnt vliegt een zwerm echter wel harder dan de gemiddelde vogel. De groep drijft de prestaties omhoog. Conclusie in deze discussie was dat het evolutionaire voordeel van de ‘wisdom of the crowd’ opweegt tegen de mogelijke nadelen. Alweer een keuze voor ‘verbinden’ dus.
Cyriel Mentink- CoE en CIV op Chemelot
Cyriel Mentink was de enthousiaste presentator van twee initiatieven waarmee begin 2011 een consortium van onderwijs (Hogeschool Zuyd, Leeuwenborgh Opleidingen en Arcus College), bedrijfsleven en overheid lauweren oogstte: het Centre of Expertise Chemie (CoE, HBO-niveau) en het Centrum voor Innovatief Vakmanschap (CIV, MBO-niveau), beide in te richten op de Chemelot Campus in Geleen. Een brede samenwerking met tal van grote en kleine bedrijven. Samen gaan deze centra een Center for Open Chemical Innovation vormen, met ‘samen leren, werken en onderzoeken’ als motto.
De ‘BV Nederland’ is, zo heeft onderzoek uitgewezen, goed in kennis genereren, maar slecht in het vermarkten daarvan. Dat is, aldus Cyriel Mentink, een gezamenlijke verantwoordelijkheid van ‘de vier O’s’: onderzoekers, ondernemers, overheden en onderwijs. Op welke kennis daarbij primair moet worden gefocust bepaalt de maatschappij. Voor het vermarkten van die kennis is dan ook een nauwe link met die maatschappij nodig; met de praktijk dus. Daarom zijn de verwachtingen ten aanzien van het CoE en het CIV in Limburg hoog gespannen. De centra verkeren op Chemelot in de ideale positie om aan de praktijk gerelateerde kennis te genereren, die naar de markt brengen en vanuit de markt weer terug te koppelen naar het onderwijs. Verwacht wordt dat MBO en HBO de link naar de praktijk gemakkelijker kunnen leggen dan een universiteit, waar ideeën misschien te snel van tafel worden geveegd omdat ze niet in een onderzoekslijn passen. Voor een optimale effectiviteit zou de stroom van ideeën en initiatieven wel gekanaliseerd moeten worden via een gezamenlijk Front Office, zo werd geconcludeerd. Verbindingen zoeken is ook hier het motto.
Paneldiscussie
In de paneldiscussie werd duidelijk dat het leggen van onderlinge verbanden algemeen als een noodzaak werd gezien. Verder werd geconcludeerd dat niet a priori alle initiatieven geschikt zijn om naar Europese of Euregionale schaal te worden getild. Per initiatief moet worden bepaald of dat een goede zaak is of niet.
Ten aanzien van de ‘Dutch Innovation Paradox’ was een van de conclusies dat op HBO niveau nog een flinke slag moet worden gemaakt voordat de studenten die afstuderen ook voldoende geschoold zijn in het vermarkten van kennis.
Verder werd het creëren van transparantie noodzakelijk geacht. Om de opleidingen een goed beeld te verschaffen over wat in de praktijk nodig is dient ook duidelijk te zijn wat er al is. Reeds bestaande netwerken moeten worden gelinkt. In een open dialoog moeten gemeenschappelijke thema’s worden gezocht als bases voor samenwerking. Daarop aansluitend moeten vervolgens netwerkverbindingen worden gezocht.
Alweer – of nog steeds – verbinden dus!
